Mijn vader woont buiten in het bos. Ik voel me daar heel rustig en de vogels fluiten en je hoort geen auto’s. In het bos zijn herten en allemaal dieren. Je kunt heel fijn wonen in het bos of naast het bos. In de natuur kan je zelf iets bouwen. Ik zie dat mijn vader best veel opgebouwd heeft in de natuur, een blokhut en schuur. Heel anders dan in de stad. En er zijn ook mooie steden gebouwd . Zoals de huizen in China, die vind ik heel leuk . Maar er zijn ook steden gebouwd die slecht zijn voor de natuur en er komen in de toekomst ook heel veel woestijnen. Zonder bomen en zuurstof kun je niet leven. Ik vind het bos fijn. En als je eens een hele dag in het bos bent voel je je veel rustiger. Ik en mama wonen naast een heuvelgebied en naast het bos, maar ook tegenover de stad. Mijn oma woont in Hamburg en ik ga nog veel beleven en hiermee eindigt mijn verhaal. 

Play Video