Jeugdtuin

Een tuin kan het brandpunt zijn van vele activiteiten in het duurzaamheidskompas. Het is aan te raden om gedurende de gehele periode van de training dagelijks een tijdje in de tuin door te brengen.

Een tuin kan een buitenlokaal zijn voor de meeste thema’s van deze website. De thema’s zijn perfect om ​​gevoel voor de seizoenen te creëren en een tuin kan, als buitenklaslokaal, een levende context bieden voor het leren over de wereld waarin we leven. Een groene omgeving biedt een verscheidenheid aan systemen om de ‘de taal van de natuur’ te leren: ecologie, onderlinge afhankelijkheid, diversiteit, cycli, grenzen, energie, bronnen, successie en duurzaamheid. Een tuin brengt de natuurlijke wereld (letterlijk) tot in de vingertoppen van de leerlingen.

Een levend laboratorium, in de vorm van een plantenbak, buiten- of binnentuin, biedt een rijke context voor het vergrote van het begrip van onder andere wetenschap, voeding, sociale dynamiek, economie, spiritualiteit, leiderschap en management.

De leerlingen leren de basisprincipes van voedselproductie en -distributie. Ze kunnen de tuin gebruiken om sociale vaardigheden en systeemdenken te leren.

1 De leerlingen kiezen als voorbereiding de ingrediënten voor een spaghettimaaltijd. Laat ze daarbij kiezen tussen:

  • Organische versus conventioneel geproduceerde groenten
  • Lokaal geteelde of geïmporteerde producten
  • Duurdere lokale bedrijven versus goedkopere ketens
  • Gemak versus kwaliteit
2 Vervolgens bespreken ze de werkelijke kosten (economisch, gezondheid en milieu) van hun keuzes, evenals de vele veranderingen binnen de voedselproductie in de afgelopen eeuw en de impact van het wel of niet ondersteunen van de lokale economie.
3 Leerlingen verzamelen achtergrondinformatie over thematuinen, zoals:

  • Historische tuinen brengen geschiedenis tot leven. Kies een gebied en tijd en onderzoek welke tuinen er toen in die tijd werden gekweekt.
  • Vlindertuinen bevatten inheemse planten die aantrekkelijk zijn voor vlinders. Onderzoek welke vlinders in jouw omgeving leven en van welke planten ze afhankelijk zijn.
  • Ecosysteemtuinen helpen onderzoeken hoe een gebied eruitzag voordat de mens ‘het overnam’. Leerlingen kunnen de geschiedenis van het lokale landschap onderzoeken en vervolgens opnieuw creëren op basis van hoe het gebied er vroeger uitzag. Denk aan een heidetuin, bostuin of weidetuin.
  • Erfgoedtuinen leren hoe belangrijk het is om de biodiversiteit te behouden. Probeer eens ‘vergeten groenten’ en zowel wilde als cultuurvariëteiten te verzamelen en/of te kweken.
  • Voedseltuinen maken leerlingen bewust over waar hun voedsel vandaan komt. Ze leren over het maken van voedselkeuzes voor een gezond dieet en het eten van seizoensgebonden voedsel dat lokaal wordt geteeld.
4 Leerlingen maken in groepjes een plan voor een bed in de tuin en gaan deze vervolgens ook aanleggen. Verdeel, afhankelijk van de beschikbare ruimte, de groep in subgroepen, die een heel seizoen een individueel bed plannen, zaaien, planten, verzorgen, watergeven, wieden en eventueel oogsten.
5 De leerlingen houden tijdens de aanleg een tuinjournaal bij met waarnemingen, gegevens, werkzaamheden, analyse van zijn of haar ervaringen, verslagen en/of tekeningen.

Droom groot, maar begin met een haalbaar plan. Overweeg een langetermijnplan te ontwikkelen, waarbij u elk seizoen een paar componenten toevoegt.

Flipover en buitenruimte voor het kweken van voedselgewassen en bloemen. Zaad, mest, compost, mulch-materiaal, water en tuingereedschap.

De essentiële onderdelen van een tuinleersysteem:

  • Buitenvergaderruimte
  • Bedden of plantperken voor elke plantengroep
  • Algemeen groeigebied
  • Speciaal projectgebied voor experimenten
  • Composthoop
  • Gereedschapsschuur of opslagruimte
  • Wastafel
  • Broeikas of broeibak

Nabespreken met regelmatige tussenpozen met de hele groep. Wat vinden de leerlingen ervan dat ze hun eigen voedsel kunnen verbouwen? Hoe past dit in de maatschappij? Hoe kan dit gebruikt worden in de rest van de wereld? Wat was het belangrijkste in deze activiteit gebeurde? Welke zaken missen ze nog?

Leeftijdsadvies (Kind - Jeugd- Volwassen)

Jeugd – Volwassen

  • Hoofd – Cognitief – Concepten 80% 80%
  • Handen – Vaardigheden – Skills 60% 60%
  • Hart – Attitude – Gedrag 60% 60%
  • Samenleven – Community 70% 70%
SDGoals

1: No Poverty

2: Zero Hunger

3: Good Health and Well-Being for people

4: Quality Education

5: Gender Equality

6: Clean Water and Sanitation

7: Affordable and Clean Energy

8: Decent Work and Economic Growth

9: Industry, Innovation and Infrastructure

10: Reduced Inequalities

11: Sustainable Cities and Communities

12: Responsible Consumption and Production

13: Climate Change

14: Life Below Water

15: Life on Land

16: Peace, Justice and Strong Institutions

17: Partnerships for the Goals

Play Video